Hoe is het om in Nederland te ondernemen als je roots in een ander land liggen? Saskia Maarse ging hierover met vele mensen in gesprek, zodat zij in haar boek ‘Tutti frutti – het succes van kleurrijk en ondernemend Nederland’ zichtbaar zou kunnen maken hoe andere culturen een verrijking van je leven kunnen worden.

 

Saskia: Jarenlang werkte ik in het toerisme. Toen ik mezelf omschoolde naar grafisch ontwerper kwam ik opnieuw in contact met ondernemers met allerlei verschillende culturele achtergronden. Omdat ik had ervaren hoe het was om in het buitenland te werken als Nederlandse, werd ik nieuwsgierig: hoe zouden zij het vinden om in Nederland te werken en ondernemen? Zo ging het balletje rollen.

Ik besloot om deze vraag aan zoveel mogelijk ondernemers van zoveel mogelijk verschillende nationaliteiten en continenten te stellen, om te voorkomen dat mijn interviews teveel op elkaar zouden gaan lijken. Daarnaast zocht ik actief naar mensen die verspreid waren over heel Nederland.

Dreamteam

Vanaf het begin was me duidelijk dat ik mijn boek niet alleen in het Nederlands wilde laten verschijnen. Dankzij deze tweetaligheid – je kunt de interviews ook in het Engels lezen – is mijn boek uiteindelijk zelfs bij Oprah Winfrey terechtgekomen. We hebben namelijk een exemplaar aan Stedman Graham, de man van Oprah, kunnen geven. Hij is bevriend met Charles Ruffolo, de Amerikaanse ondernemer uit Tutti frutti.

Steeds meer ging ik als een ondernemer naar mijn eigen project kijken: voor wie zou dit interessant kunnen zijn, afgezien van de mensen die ik interview? Mijn boek leek me een leuk relatiegeschenk om als bedrijf aan anderen te geven en ik zag al voor me hoe het in wachtkamers zou komen te liggen en in de recepties van bedrijven.

Inmiddels had ik ook een team van mensen om me heen verzameld: een vertaalster, een fotografe en een redacteur. Letterlijk een dreamteam! Tekstschrijver Wilma van Kasteel redigeerde met veel geduld mijn teksten; ik ontdekte dat je soms eindeloos over één zin kunt discussiëren. Er zijn heel wat mails over en weer gegaan, zelfs tijdens onze vakanties.

Afspraken

De aanpak van Karin Huijzendveld, de fotografe van Tutti frutti, sprak me ook aan. Heel erg ‘niet lullen, maar poetsen’. Zij kon met iedereen overweg. Dat zie je aan de foto’s. Karin begreep heel goed dat fotograferen niet alleen een kwestie is van een mooi plaatje schieten. Een ondernemer die gestrest aankwam, liet ze eerst een tijdje wiebelen op een paal. Toen hij eraf sprong, zag je aan zijn schouders dat hij weer helemaal ontspannen was.

Karin kwam altijd op tijd en hield zich perfect aan alle afspraken. Dat had ik nodig. Ik was in de problemen gekomen als mensen zich onverwacht zouden afmelden. Je hebt op een gegeven moment zoveel verschillende afspraken met zoveel verschillende mensen uitstaan.

 

Bewuste keuzes

Het schrijven en interviewen ging me gemakkelijk af, al vond ik het lastig om me netjes tot duizend woorden te beperken. Ik had mijn vormgeving al ontworpen en dat was de hoeveelheid tekst die in mijn stramien paste. Iedere ondernemer stelde ik tien vaste vragen, maar ik gaf iedereen daarnaast alle ruimte om hun verhaal te doen. Sommige mensen hadden zoveel te vertellen. Een paar interviews duurden zodoende zelfs vier uur. Niet alles kon ik in dit boek kwijt, maar de gesprekken leverden prachtige anekdotes op die ik later in een tweede boek (‘Onder de zeespiegel’) alsnog heb kunnen gebruiken. Het leidde altijd wel ergens toe; wat indruk op mij maakte, bleef bij mij hangen.

In eigen beheer

Tijdens het schrijven van Tutti frutti werd me al snel duidelijk dat ik dit boek het beste in eigen beheer kon uitgeven. De uitgevers die ik had benaderd of zij interesse hadden, vonden het formaat te groot en de kosten te hoog, omdat ik de hele uitgave in kleur wilde laten drukken. Zowel het formaat als de kleurendruk waren voor mij echter belangrijk. Het voelde niet goed om de vormgeving alsnog helemaal uit handen te geven of aan te passen: zodat het qua stijl goed in hun fonds paste. Eerder had ik al een agenda in eigen beheer uitgegeven voor mijn woonplaats Zeewolde, dus had ik daarmee al enige ervaring. Net als bij Tutti frutti had ik toen veel aan voorverkoop gedaan; bij die agenda had ik zelfs vooraf alle kosten al eruit.

Mijn boek onder de aandacht brengen

Bloggen bleek een goede manier te zijn om mijn boek ‘levend’ te houden. Daarmee belandde ik op een groot platform, deOndernemer, dat 5000 lezers heeft. Dat gaf me een enorm bereik. Vooral dat zou ik auteurs dus van harte aanraden: zorg dat je artikelen kunt aanbieden op de plekken waar jouw doelgroep zit. Zoiets is óók fijn voor het platform: jij voorziet hen van content, waardevolle informatie. Het is een win/win-situatie. Daarmee vergroot je de kans dat zij aandacht aan jouw boek willen besteden, als dat uitkomt. En met bloggen blijf je bovendien ervoor zorgen dat er steeds opnieuw aandacht voor jouw boek komt.

Intussen hield ik contact met alle mensen die ik had geïnterviewd. We zijn met alle geïnterviewden nog een paar keer uit eten gegaan en ik krijg van hen regelmatig nog reacties op mijn blogs. Het was me daarom meteen al duidelijk: het verhaal houdt niet op bij het uitgeven van dit boek, dit is nog maar het begin. Henk, mijn filmmaker, had dat meteen al door en benoemde dat ook. Hij voelde dat goed aan.

Verschillen leren begrijpen

Het project Tutti frutti hield me een spiegel voor over de Nederlandse cultuur en ik ging steeds beter begrijpen hoe allerlei verschillen tussen culturen ontstaan. En besefte hoe langer hoe meer: als je dat weet, kun je situaties beter plaatsen.

Voor Tutti frutti vroeg ik bewust ook tips: hoe kun je met gewoonten uit andere culturen je eigen werk verrijken? Neem weer dat afscheid nemen. Als je meeloopt, tot aan de deur of zelfs helemaal tot naar de auto, ontstaan vaak andere gesprekken dan aan de vergadertafel. Het voegt echt iets extra’s toe. Tijdens alle fotoshoots paste ik dat zelf toe; we gingen na afloop altijd eerst nog wat drinken om daarmee af te sluiten. Ik had ontdekt hoe waardevol dat is. Deze ontdekkingen brachten me ertoe om na Tutti frutti een tweede boek te gaan schrijven: Onder de zeespiegel.

Er valt zoveel te leren

Inmiddels heeft mijn leven een compleet andere wending gekregen. Ik begon als vormgever aan dit hele project, maar word vaak voor lezingen gevraagd en werk nu voornamelijk als spreker. Wat ik heel fijn vond aan het hele proces is dat ik zoveel ervan leerde. Het was een geweldige ervaring. Allerlei facetten kwamen aan bod: hoe werkt bijvoorbeeld PR, wat is de rol van media, hoe maak je een film, waarom is een redacteur die jouw tekst bewerkt belangrijk, waar let een drukkerij op… Iedereen heeft eigen specialismen, andere aandachtspunten en een eigen werkwijze.

Die ervaringen kon ik allemaal gebruiken, toen ik aan mijn tweede boek ging werken. Ook heb ik dankzij Tutti frutti een geweldig netwerk opgebouwd. Grappig is het dat ik het netwerken door Tutti frutti anders ben gaan ervaren. Als ik nu ergens kom waar alleen blond haar en blauwe ogen te zien zijn, denk ik toch: ‘Hé, waar is de rest?’ Dat gaat nooit meer weg.

 

NB: Dit is een beknopte versie van het interview met Saskia Maarse dat in hoofdstuk 9 van ‘Jouw levensverhaal hoort in een mooi boek thuis’ staat. Wil je het hele interview lezen en ook alle andere 8 interviews, zodat ook jij van jouw levensverhaal een goed boek kunt maken? Bestel deze sprankelende handleiding vol fijne tips, oefeningen en ervaringsverhalen via internet: ‘Jouw levensverhaal hoort in een mooi boek thuis‘ of koop hem bij de boekhandel in je eigen woonplaats!